Posts tonen met het label Brugge. Alle posts tonen
Posts tonen met het label Brugge. Alle posts tonen

6.13.2021

MARIEKE LUCAS RIJNEVELD " Mijn lieve gunsteling"



"...iets wat totaal anders was dan de soms angstaanjagende verhalen 

uit de Bijbel of de teksten van sommige psalmen, 

zoals die van 137 waarin staat : 

Welgelukzalig zal hij zijn, die uw kinderkens grijpen,

 en aan de steenrots verpletteren zal..."  (p.268)




"...dus vertelde ik je een verhaal over Leda en de zwaan

over hoe Zeus dolverliefd was op de onooglijke Leda en 

hij met haar wilde vrijen, 

maar zij wees hem steeds af, 

ze was immers met koning Tyndareos, 

en Zeus kon haar afwijzing niet verdragen en 

had zich in een zwaan veranderd, 

een prachtige zwaan, 

hij overweldigde Leda met zijn gedaante en 

ze vree met hem onder de sterrenhemel, 

met de getransformeerde Zeus, 

ze kregen twee kinderen, 

Pollux en Helena, 

die uit een ei geboren werden, 

en jij luisterde ademloos naar het verhaal, 

je vroeg waarom Leda wel met de zwaan 

wilde seksen en niet met de oppergod Zeus, ...." (p.290)


 

3.15.2021

M.DIERICKX "De oprichting der nieuwe bisdommen in de Nederlanden onder FILIPS II 1559-1570" Uitgeverij Het Spectrum, 1950.


St Donaaskathedraal

uit SANDERUS "Flandria Illustrata"


"...aangezien Ieper sinds vele jaren wenste een bisschop binnen zijn muren te bezitten en 

dat zowel de verheffing van hun stad tot bisdom als de persoon van de nieuwe bisschop hun zeer aangenaam was. 

Ook de proost en de religieuzen van het klooster van Sint Maarten (te Ieper) verklaarden zich bereid, 

met het klassieke voorbehoud van hun privileges, Rithovius las hun bisschop en overste te aanvaarden.

 Op 18 oktober 1561 kon diens procurator bezit nemen van de kathedraal en van het Sint Maartensklooster. 



***


Ook naar Brugge werd de president van de Raad Van Vlaanderen voor eenzelfde doel afgevaardigd. 

De mannen der wet verklaarden dat zij zeer verheugd waren om deze uitverkiezing en 

dat zij de bisschop alle hulp en bijstand zouden verlenen.

  Het oude kapittel van Sint Donaas toonde zich echter zeer bezorgd om zijn privileges en 

vrijstellingen, maar verklaarde tenslotte dat zowel de oprichting van het bisdom en de verheffing 

van hun collegiale kerk tot kathedraal, als de benoeming van de Bruggeling Pieter De Corte tot 

bisschop hun zeer aangenaam was. " (p.142, 142)




6.04.2020

HILARY MANTEL "De Spiegel en het Licht" : "De Geboorte van Christus" door HUGO VAN DER GOES , in Brugge geschilderd


HILARY MANTEL

in

"De Spiegel en het Licht"

over het schilderij

"De Aanbidding der herders"

van

HUGO VAN DER GOES


"Tijdens zijn verblijf in Florence had de familie Portinari hem (=Thomas Cromwell) een schilderij van de geboorte van Christus getoond dat twintig jaar eerder voor hen in Brugge was vervaardigd.

Op het schilderij zie je door openstaande deuren een winterlandschap. (...) In het midden van het schilderij ligt de hulpeloze, pasgeboren zuigeling op de grond, wit als een larve, en herders en engelen hebben een paar passen terug gedaan om ruimte te maken voor de kersverse moeder, terwijl boven op de heuvel de nog altijd zwangere Maagd haar zuster, de heilige Elizabeth, begroet en op weer een andere verhevenheid , ver weg in de toekomst, Maria, Jozef en de ezel richting Egypte sjokken. 

Wie naar dit schilderij kijkt kan zich niet voorstellen dat de Gezegende Maagd barenspijn heeft geleden. Zij kijkt plechtig, diep onder de indruk van wat zij heeft voortgebracht. Gehuld in rood staat naast haar Margareta van Antiochië, de schutsheilige van de bevalling, en aan haar voeten ligt de draak, die haar in een eerder stadium van haar levensloop had verzwolgen. 

Daar staat de Magdalena met het kruikje nardusmirre, ginds de heilige Antonius met een klok .
De herders met hun boerengezichten kunnen hun opwinding nauwelijks de baas. Onze ganse toekomst ligt samengeperst in hun ineengeslagen handen. De engelen zijn niet jong. Zij zien er geslepen uit, en hun vleugels glinsteren van de pauwenogen. 

De drie koningen komen aangereden over de heuvel. Hun reis is bijna ten einde, maar dat weten zij nog niet.(Toegevoegd van mij : iemand vraagt de weg ) Het is een leugen, denkt hij, die pijnloze bevalling, die veiligheid in Egypte, die vroomheid van de knielende mecenassen die zichzelf in het verhaal hebben laten schilderen..." (p.739,740).


1. De naam van de schilder wordt niet vermeld in het boek , maar is de Gentenaar Hugo Van Der Goes. Zijn atelier was in Gent. Het schilderij werd dus niet in Brugge vervaardigd, maar in Gent.

2. Elisabeth is de nicht van Maria, niet de zuster.




5.31.2015

BRUGGE IN DE WERELDLITERATUUR

foto 1

foto 2

foto 3





BRUGGE IN DE WERELDLITERATUUR

Günter Grass, geboren in 1927 in Danzig, publiceerde in 1959 zijn eerste roman "Die Blechtrommel", waarvoor hij in 1999 de nobelprijs voor literatuur kreeg (foto 1). De roman gaat vooral over zijn jeugdjaren in Gdansk, die toen de status had van Vrijstad onder toezicht van de Volkenbond. Op 1 september 1939 schreef de stad wereldgeschiedenis toen de Duitse pantserkruiser Schleswig-Holstein er het vuur opende op het Poolse garnizoen van Westerplatte. De Tweede Wereldoorlog was een feit. In dit epos komt ook Brugge ter sprake : "...So war der Stolz der Sammlung (im Schiffahrtsmuseum) die Galionsfigur einer grossen Florentinischen Galleide, die zwar in Brügge ihren Heimathafen hatte, jedoch den aus Florenz stammenden Kaufleuten Portinari und Tani gehörte. Den Danziger Seeräubern und Stadtkapitänen Paul Beneke und Martin Bardewiek gelang es im April 1473 an der Seelandischen Küste , vor dem Hafen Sleuys kreuzend, die Galleide aufzubringen. Gleich nach der Kaperei liessen sie die zahrleiche Mannschaft nebst Offizieren und Kapitän über die Klinge springen. Ein zusammenklappbares Jüngstes Gericht des Malers Memling und ein goldenes Taufbecken - beides im Auftrag des Florentiners Tani für eine Kirche in Florenz angefertigt - fanden Aufstellung in der Marienkirche; das Jüngste Gericht erfreut, soviel wich weiss, heutzutage das katholische Auge Polens..." (Die Blechtrommel, Deutscher Taschenbuch Verlag, 21.Auflage, 2015, pag.239).
Op last van Napoleon werd Memlings' drieluik naar Parijs overgebracht, later opnieuw geroofd door de Nazi's, het belandde in Leningrad om tenslotte in 1956 aan Polen te worden teruggegeven, nu te zien in het Narodwemuseum in Gdansk. Het werd kortstondig naar Brugge overgebracht in 1994, voor de grote Memlingtentoostelling. Deze triptiek met het laatste oordeel, Memling's meest monumentale schilderij, heeft als middelpunt de aartsengel Michael, met harnas en weegschaal (foto 2). De triptiek vertoont duidelijk de invloed van Rogier Van der Weyden's laatste oordeel, te zien in het hospitaal van Beaune. Memling moet het ongetwijfeld met eigen ogen hebben gezien. De man in Michael's weegschaal is zonder twijfel niemand minder dan Tommasso Portinari, telg uit een oud, illuster Florentijns geslacht. Op de buitenpanelen knielen de opdrachtgever, de Florentijn Angelo Tani en zijn echtgenote Catarina Tanagli (foto 3). Tani was de vertegenwoordiger van de Medici te Brugge. Het echtpaar kon geïdentificeerd worden door de bijgeschilderde wapenschilden. Merkwaar-
dig is dat op één schilderij twee opdrachtgevers staan, Portinari op het middenpaneel, Tani en zijn echtgenote op de zijluiken. Tussen die twee Florentijnen was er een zwaar conflict aan de gang. Piero de Medici ontsloeg in 1456 Angelo Tani als hoofd van het Medici-filiaal in Brugge en hij werd vervangen door Tommaso Portinari,de nieuwe manager van het filiaal. Het moet Tani zeer gegriefd hebben dat hij door toedoen van Portinari's gestook was verdrongen. Tani kreeg een nieuwe opdracht : orde op zaken stellen bij het Londense filiaal, dat zich in financiële problemen bevond. In april 1473 zette een galei, met aan boord de triptiek van het laatste oordeel, vanuit Damme koers naar de Middellandse Zee. Maar Memling's triptiek zou Firenze nooit bereiken. Vlak voor de Engelse kust viel de Portinari-galei in handen van de beruchte kaper Paul Beneke,die de hele buit naar Danzig  deporteerde en de Tantriptiek aldaar in de Marienkirche deponeerde. Ondanks zwaar protest van hertog Karel de Stoute en zelfs de paus, bleef het meesterwerk in Danzig. Brugge wilde elk conflict met de Hanzastad Danzig vermijden, en betaalde de erfgenamen van Tani een schadevergoeding uit. Zoals Günter Grass terecht beweerde, Memling's laatste oordeel verblijdt nog steeds het katholieke Polen.

                                   Johan Comer

1.14.2015

Prostitutie in Brugge, een redelijk omvangrijke bedrijfstak


Dit boek verscheen vorig jaar en kende al acht herdrukken.



"Prostitutie was in Brugge een redelijk omvangrijke bedrijfstak.

De stad had - geen geringe prestatie - de naam de hoerigste stad van Europa te zijn.

JUDAH MINZ, een rabbi uit de vijftiende eeuw, schreef : "Ze vinden het daar wel een goed idee om prostituees op de markt te positioneren en  ook op alle pleinen en bij alle hoeken van hun huis, om hen zo te behoeden voor een grotere zonde : verkeer met getrouwde vrouwen."

In Brugge zaten de cliënten van de badhuizen, mannen én vrouwen, aan een gezamelijke tafel en in een enorme houten kuip, waar ze dronken en aten, de vrouwen naakt, maar met een dunne sluier voor het gezicht, tot het tijd was om uit de kuip te stapppen, tussen de honden doe daar lagen, en naar bed te gaan.

Een Spanjaard, PERO TAFUR, was in 1435 in Brugge en schreef : "Het samen  baden van mannen en vrouwen is daar net zo eerzaam als bij ons de gang ter kerke."


Dat klinkt heel mooi, maar zo openlijk als hij het voorstelde, gebeurde het allemaal niet.

LEO van ROZMITAL , een ambassadeur van Bohemen, was rond dezelfde tijd in Brugge en ontdekte dat een vrouw in de Waterhalle de nacht kon doorbrengen met elke man die ze verkoos, mits de man haar gezicht niet zag en niet wist wie ze was. De straf die op identificatie stond, schreef hij, was de dood.

De badhuizen lagen vooral in de buurt van de haven, omdat kooplieden en zeelui ze nodig hadden.

De bordelen werden grotendeels door vrouwen gedreven. Vrouwen met namen als Friezin, joodse Bette, Marie de hoedenwasser, Katrien de kaarsenverkoopster en af en toe een vrouw die tegen de autoriteiten beweerde een begijn te zijn om zo een vergunning te verkrijgen - ze vielen allemaal onder een madam" (blz. 309).