4.01.2020

THERA COPPENS "Johanna en Margaretha van Constantinopel"

 THERA COPPENS, Johanna en Margareta van Constantinopel
Uitg.Meulenhoff, 2019


"...Ze had gehoord over de monsterlijke wezens 
die in de legers van de ongelovigen dienden, 
de hondskoppigen, die zich SARACENEN noemden, 
hoewel ze niet van Sara afstamden maar van Hagar..." (p.24)

Inderdaad, de Islamieten, waaronder de Saracenen, hebben steeds beweerd af te stammen van Ismael, de zoon van Hagar, een bijvrouw van Abraham. 


De Joden zijn overtuigd af te stammen van Isaac, de zoon van Sara, 
de wettige vrouw van Abraham. 

Hieruit volgt de consequentie dat de term "Saracenen" verkeerd is en "HAGARCENEN" correcter zou zijn.


Zie ook "Het museum van de Onschuld" van nobelprijswinnaar Orhan Pamuk, uitg.De Bezige Bij, pag.62 : 
"Abraham kon geen kinderen krijgen. 
Hij bad tot God : Lieve God, geef me een kind en ik zal alles doen wat u wilt. 
Tenslotte werd zijn gebed verhoord en hij kreeg een zoon, Ismail.
 Ibrahim, Abraham bij de Christenen, was de koning te rijk. (...) 
Op een nacht verscheen God aan hem in een droom : 
Nu moet je jouw kind de keel afsnijden en hem aan me offeren, zei hij..."


De Islamieten nemen niet alleen dit verhaal van de bijna-moord van de vader op de zoon over, 

zij gedenken dit ieder jaar in hun Offerfeest en vervangen Isaac door zijn halfbroer Ismael.