markante uittreksels uit boeken, die tot het werelderfgoed van de mensheid behoren, geselecteerd door Johan Comer, historicus
4.20.2021
LALE GÜL "Ik ga leven"
4.17.2021
ROBERT K. MASSIE "Nicolas and Alexandra"
4.02.2021
JOHANN WOLFGANG GOETHE "Die Leiden des jungen Werthers", 1774
GOETHE UND "EINE MÉNAGE Á TROIS"
"Gestern als ich weggieng, reichte sie mir die Hand und sagte :
Adieu, lieber Werther ! Lieber Werther !
Es war das erste Mahl, dass sie mich lieber hies, und mir giengs durch Mark und Bein.
Ich hab mir's hundertmal wiederholt...
Warum durft' ich mich nicht ihr zu Füssen werfen !
Warum durft ich nicht an ihrem Halse mit tausend Küssen antworten,
Sie nahm ihre Zuflucht zum Claviere... (p.89)
"Werthers Leidenschaft hatte den Frieden zwischen
Alberten und seiner Frau allmählig untergraben...
Albert mied das Zimmer seiner Frau, wenn Werther bey ihr war...
bis zuletzt Albert seiner Frau mit ziemlich trocknen Worten sagte :
sie möchte dem Umgange mit Werthern eine andere Wendung geben,
und seine allzuöfteren Besuche abschneiden..." (p.97, 98)
"Ach ich wuste, dass du mich liebtest,
wuste es an den ersten seelenvollen Blikken,
an dem ersten Händedruk,
und doch wenn ich wieder weg war,
wenn ich Alberten an deiner Seite sah,
verzagt' ich wieder in fieberhaften Zweifeln..." (p.115)
GOETHE BEEINFLUSST VON HOMER' s ODYSSEE
"...und dazwischen lese in meinem Homer....
Da fühl ich so lebhaft,
wie die herrlichen übermüthigen Freyer der Penelope
Ochsen und Schweine schlachten, zerlegen und braten..." (p.30)
"...dort vom Hügel die Sonne untergehen zu sehen,
und dabey in meinem Homer den herrlichen Gesang zu lesen,
wie Ulyss von dem treflichen Schweinhirten bewirthet wird.
Das war all gut..." (p.73)
"Wenn Ulyss von dem ungemessenen Meere,
und von der unendlichen Erde spricht..." (p.78)
"Ossian hat in meinem Herzen den Homer verdrängt.
Welch eine Welt, in die der Herrliche mich führt.
Zu wandern über die Haide, umsausst vom Sturmwinde..." (p.84)
3.31.2021
SANDRA LANGEREIS "Erasmus Dwarsdenker", 2021.
"...wispelturigheid en doortraptheid van vrouwen...
de val van Troje was de schuld van Helena,
de ondergang van Antonius was de schuld van Cleopatra.
Christenen hadden daar eveneens een handje van,
voegde hij er in zijn volgende editie droog aan toe.
Want die meenden al hun verdorvenheden te mogen wijten aan Eva... " (p.396)
"Want wat is er bijvoorbeeld dwazer dan te denken
dat je je hachje redt of je gezondheid spaart
door kaarsjes te branden of schietgebedjes te zeggen voor een heiligenbeeld ? " (p.423)
"...Openbaring, dat volgens Hieronymus door veel Griekse kerkvaders
niet eens tot de canon van het Nieuwe Testament werd gerekend,
vertelde Erasmus er onverstoorbaar bij.
(...) En dan kon de lezer ook meedenken over zijn stellige indruk dat heel de sinistere tekst van
Openbaring met zijn allesbehalve beheerste stijl en allesbehalve apostolische inhoud moeilijk door de
evangelist die iedereen kende als Johannes kon zijn geschreven :
hier was duidelijk een heel andere Johannes aan het woord.
Een of andere profetische snoever uit later tijden. " (p.540)
"Maar Erasmus had Johannes'brief (I Joh, 5,7) in het authentieke Grieks bestudeerd,
en hij had ontdekt dat in de brief was geknoeid,
en dat het hele vers over de vader, het woord en de heilige geest in de Griekse oertekst
schitterde door afwezigheid. (...)
In de Griekse codex vind ik over het getuigenis van de drievuldigheid alleen dit :
er zijn drie getuigen : de geest en het water en het bloed.
En Erasmus schrapte het legendarische vers "de vader, het woord en de heilige geest"
resoluut uit de verbeterde vulgaat.
Plotseling bleek de passage bij Johannes helemaal niet te gaan over de drievuldigheid van God. (...)
De leer van de drievuldigheid bleef geldig.
MAAR NIET OP GROND VAN DE BIJBEL; WANT DAAR STOND DIE LEER NIET (p.549-552).
MAAR : ERASMUS MOET TOEGEVEN AAN DE ENORME KERKELIJKE DRUK :
"Zes jaar geleden was hij zo dapper geweest het enige bijbelse testimonium
voor de pas rond het jaar 4OO geformuleerde doctrine van de Heilige Drievuldigheid
uit het Nieuwe Testament te schrappen.
Nu had hij uit angst voor een verbod op zijn boek die onbijbelse woorden teruggezet." (p.653)




