Posts tonen met het label Gilgamesj. Alle posts tonen
Posts tonen met het label Gilgamesj. Alle posts tonen

10.12.2025

Daniel Dewaele, Ontwakend Jodendom

 

Het

epos dateert uit de twaalfde eeuw voor chr., en werd aangetroffen in de koninklijke bibliotheek van Assurbanipal (r.669-630) in Ninive. Het spijkerschrift werd in de 19de eeuw ontcijferd, en tot consternatie van velen las men hier een versie van het bijbelverhaal over Noah. Nu vertelt een zekere

U-napistjim aan Gilgamesh hoe de goden hadden besloten een vloed te zenden om de mensheid te vernietigen.  De god Ea verwittigde Ut-napistjim daarvan, zodat die in een boot gered werd, samen met zijn familie en dieren. Aan de oorsprong van dit werk liggen enkele Sumerische verhalen over Gilgamesh, gevolgd door Babylonische versies, vanaf 1800 voor Chr.  (p.414)


Het was eind 1872 toen de Engelse George Smith de ontdekking wereldkundig maakte van een Babylonische versie van het bijbelse zondvloedverhaal. "De bijbel is eigenlijk

een kopie", blokletterden de kranten. Het was een hele sensatie, de christenheid was geschokt. Er waren opvallend veel overeenkomsten tussen het bijbelse en Mesopotamische zondvloedverhaal. Een god die opdracht geeft tot een zondvloed, een mens die door een andere god opdracht krijgt een boot te bouwen om zijn gezin en dieren te redden, de vloed zelf, het stranden op een bergtop,...   Er was geen twijfel aan dat het Babylonische verhaal het bijbelse had geïnspireerd.     (p.420)


4.04.2016

CAREL VAN SCHAIK "Het Oerboek van de Mens"




"Vooral de grote beschavingen,

die zich langs de grote stromen van de Nijl,

Eufraat en Tigris,

tot de Ganges, Gele rivier

en

Jangtsekiang

ontwikkelden,

werden door overstromingen bedreigd

en

waren

vanwege hun hoge bevolkingsdichtheden

bijzonder kwetsbaar. 





De Bijbelse zondvloed berust,

zoals we al zeiden,

op voorbeelden uit Mesopotamië.





De Bijbelauteurs maakten gebruik van het Gilgamesj- en het Atrahasis- epos

 het zondvloedverhaal  van Genesis

kan

zonder meer

plagiaat worden genoemd" (pag.98).